Poëzie
Inspiratie: kunstwerk Gedachtebank van Arjanne van der Spek, Campus WUR
Spookstudent
Geen student te zien, geen mens
in alle rust, beker koffie gehaald alsof pauze, denkpauze.
Leefpauze. Een paar jaar niet hoeven denken
over hoe verder in het leven, want ging studeren.
Papers, boeken, studiemateriaal,
aanvankelijk even ingezien en snel weggeklikt,
opgegaan in de cloud.
Toch is het er onzichtbaar meer dan ooit.
Anderen studeren hier, werken, slaagden.
Wat achter ligt, slordig weggeborgen en dichtgeknoopt.
Wat voor ligt, is grote leegte.
Moe geworden van niets.
Wat heet? Onmenselijke inspanning van
onophoudelijk falen, beloven, falen, liegen, consistent
falen. Zo moe.
Een moment lonkt ontmaskering.
Annie van Gansewinkel
Inspiratie: Historische Trap - van het stadhuis Wageningen
Ik - Historische Trap
ik - historische trap verscholen achter de sobere
balustrade van het Wageningse stadhuisbordes
uit hardsteen gehouwen - geboren onder
witte wolken - grijsblauwe lucht - leid
inwoners - gasten - verliefden naar de hoge
kamers onder plafonds met gekrulde ornamenten
ik - historische trap verlang naar een koninklijk bordes
het weerklinken van hamerslagen van een vooraanstaande
stadssmid zoals eeuwen hiervoor
die de balustrade polijst - kleedt in goud
als een sierlijk kunstwerk
hunker ernaar de voeten van herauten te dragen
als hun trompetgeschal het stadsnieuws brengt
ik - historische trap koester de echo van
toespraken en beloften die eeuwenlang zacht
resoneren in de uithoeken van het Wageningse
historische stadhuis - leid inwoners - gasten -
verliefden op hun schreden vanuit die hoge ruimten
op weg naar hun zojuist ondertekende bestemming
ik - historische trap droom van een bordes met
een balustrade gekleed in goud - als een waardig
kunstwerk voor de ingang van het Wageningse
stadhuis - mijmer erover de voeten van de
burgemeester te dragen als hij zijn toespraak
tot de Wageningse bewoners richt
in eigentijdse werkelijkheid
Dickey J. Diepeveen DJD
Inspiratie: Actaeon, ofwel Tweedelig hert
Gedicht voor het tweedelig hert
Ik haal je uit het hol van
je dief, beuk hem op zijn kop
dan neem ik je mee, stof ik je
af en lap ik je weer op
Ik ga je goed bekijken
je rankheid en je glans
gespleten romp, de weerslag
van een wereld uit balans
De vormen van je helften
rondingen strak afgehakt
gedraaide nek, oogloze kop
puntig gewei, vier keer vertakt
Als ik klaar met kijken
ben, las ik op goed geluk
je delen aan elkaar tot je
een hert bent uit één stuk
Ik blaas het leven in je
vlees, bloed, botten, kracht
longen en een baarmoeder
vier hoefjes, zachte vacht
Ik aai je kleine kop
fluister zachtjes in je oor
daarbuiten wacht je roedel
pak je kans, ga er vandoor
Je doet het en dan tover ik
de steden weer tot bos
de snelwegen verdwijnen
waar asfalt was groeit mos
Later zie ik je langsgaan
een hindekalf aan je zij
Je draaft, je dampt van leven
de gebrokenheid voorbij
Lieke de Kwant
Inspiratie: Beeld hoofdloze man, Arboretum
Hoofd(loos)
Het is vroeg in de ochtend als ik besluit met een kopje koffie in mijn achtertuin op het rood-geel-groene rastabankje te gaan zitten.
De zon schijnt, en de stralen proberen tussen de bladeren van de burenboom door, mijn gezicht te bereiken. Ik help ze een handje door een paar centimeter naar links te schuiven en voel dat een enkele zonnestraal via mijn gezicht mijn binnenwereld bereikt.
Heel even ben ik aanwezig bij deze hartverwarmende ervaring en dan is er weer die gedachtenfabriek. Er wordt hard gewerkt daarboven en opeens ben ik daar ook; ik zit in een vergadering waar ik helemaal niet wil zijn en toch ben ik er. Er worden allerlei kritische vragen op mij afgevuurd en ik heb de antwoorden niet. Na een aantal dilemma’s expliciet gemaakt te hebben sluiten we af met een bezinningsvraag: “wat maakt vandaag een waardevolle dag voor jou?”
Mijn antwoord komt onmiddellijk: “ik zou vandaag graag een snipperdag opnemen, of zelfs de hele fabriek willen sluiten en ervaren wat daar de gevolgen van zijn”.
De wens wordt omgezet in daden en ik stap op mijn fiets, zet de wielen in beweging en ben benieuwd waar de reis naar toe gaat. Ik merk dat ik het lastig vind om de fabriek te sluiten, voor ik het weet ben ik weer daar, en niet hier.
Ik zie het Depot aan mijn linkerhand, parkeer de fiets en loop het aangrenzende Arboretum in.
Ik kijk om me heen en zie een rijke schakering aan bijzondere bomen, planten en kleuren, en dan….. dan zie ik hem, zittend op een hoge roestkleurige kruk, met zijn ellebogen leunend op een lessenaar.
Zijn houding is voorovergebogen, hij lijkt naar beneden te kijken, ik kan het niet goed zien, zijn handen blokkeren het zicht.
Ik word geroepen, niet hoorbaar, wel voelbaar, niet dwingend, wel ondersteunend; mijn benen vertragen, als vanzelf en laat het gebeuren. Mijn lichaam beweegt zoals het wil bewegen, of zoals hij wil dat ik beweeg, het boeit me niet. Hij boeit mij; ik kijk naar hem, maar zie hem niet.
Wat ziet hij, ervaart hij, voelt hij?
Ik wil naar hem toe, antwoorden krijgen op mijn vragen en ik versnel mijn pas, en dan gebeurt er iets raars, mijn benen lijken daar niet mee eens te zijn en lopen hun eigen langzame tempo, het gebeurt gewoon, alsof ik geen invloed heb op mijn handelen, en het gekke is, ik laat het wederom gebeuren, zonder weerstand, sterker nog, het voelt ……. Ja, het voelt….. bevrijdend.
Als vanzelf sluiten mijn ogen. Ik merk op dat mijn hartslag vertraagt en mijn ademhaling gaat als de stroming van een rustig kabbelende rivier.
Geleidelijk vervagen de grenzen tussen mezelf en de rivier, ik word de rivier, ik ben de rivier.
En dan stopt mijn lijf met bewegen. Langzaam open ik mijn ogen en zie ik hem, hij bevindt zich een meter voor mij en torent boven me uit.
Ik kijk eerst naar zijn voeten, zijn benen, vervolgens zijn torso en langzaam glijden mijn ogen hoger naar zijn armen en handen en dan zie ik het opeens….. hij heeft geen hoofd; het is een hoofdloze man!
Mijn ogen sluiten zich, ik ben geraakt en ik voel de tranen over mijn wangen stromen. Dan merk op dat ik onrustig word, mijn hart gaat te keer en mijn ademhaling is als een onstuimige rivier.
En dan is daar in de verte, de gedachtenfabriek, ik zie mezelf boven de rivier zweven en we stevenen af op de fabriek/ Ik realiseer me dat ik op deze manier binnen enkele seconden door het open raam van de fabriek naar binnen vlieg en daar gelanceerd zal worden.
En dan zie ik hem weer en ik zie dat hij mij ziet en als vanzelf daal ik af en word ik opgenomen door de rivier. Ik voel mijn ademhaling en hartslag weer vertragen en laat me meenemen door het gekalmeerde water en zijn we weer één.
We hebben de gedachtenfabriek achter ons gelaten, en kabbelen rustig verder. Ik geniet van de stroming, het meanderen, soms versnellen en dan weer vertragen, ik ben de rivier, en de rivier is mij.
Dankjewel hoofdloze man, dat ik je mocht ontmoeten, dat jij zag wat ik eerder niet zag, dat je me hebt laten kijken naar dat wat al die tijd aanwezig was en je me hebt geleerd hoe daarmee in verbinding te komen en te zijn.
Lisette van Baars
Monolieten Noorwest
onze rotsen zijn romig als de zonsondergang troostrijk als frambozenvla met framboos erbovenop zoete tepel marmeren borst lavend zijn ze onze rotsen net-niet-wit beweeglijk als stuwende memmen Onzin die beeldspraak! gewoon pronte rotsen zijn het diepgraniet aan water tussen hen in nog de hint van vurig magma Petra SipsInspiratie: Monolieten Noordwest
Monolieten Noorwest
onze rotsen zijn romig
als de zonsondergang
troostrijk als frambozenvla
met framboos erbovenop
zoete tepel
marmeren borst
lavend zijn ze
onze rotsen net-niet-wit
beweeglijk als stuwende memmen
Onzin die beeldspraak!
gewoon
pronte rotsen zijn het
diepgraniet aan water
tussen hen in
nog de hint
van vurig magma
Petra Sips
Inspiratie: Actaeon – Iris le Rütte
Actaeon
Eén en al bek rukt aan het lichaam
dat van hun meester is,
in de vermomming van een hert.
Actaeon, onder de sterren vereeuwigd,
nog vóór de meute bijten kan,
voor de poort van mens en dier.
Maar zie: geen medeleven en geen rust,
toch achtervolgd, verdreven
In stad noch daarbuiten
geen plek meer veilig,
als een opgejaagd volk.
Voor Atlas was de last te groot,
Amor vincit Omnia, hoezo?
Op alle plekken waar het stond
is het schrikwekkend leeg.
Ruud Verwaal
Inspiratie: De fontijn
Afgesproken
ik heb er op je gewacht
ik dacht dat ik een beetje wist wie je was
in ieder geval genoeg, zodat ik reden zag
om af te spreken
ik zat er op de cirkelsteen
in de winter met koude billen
jij was fashionably late
ik was optijd en dus te vroeg
ik zat er in de lente
met haar grillige weer
en mijn verlangens al te zeer
opgebloeid, dan maar weer...
ik stond er in de zomer
naast het klaterende water
te bedenken wat ik zou vragen
om het gesprek op gang te laten komen
maar je had nooit het gezicht wat ik zocht
soms zag ik het al als je met één been van je mountainbike zwaaide, en ik dacht: nee toch
toch peuterde ik vervolgens woorden uit je,
met ontelbare vragen, maar het mocht
niet baten, het heeft niet zo mogen zijn
later in de herfst
wacht ik vast weer op een vreemde
die me potientieel wél kan behagen
met een gezicht die hopelijk beklijft
waar blijf je nou?
ik blijf maar trouw op je wachten
bij de fontein
Samira van der Loo
Inspiratie: On the Move, Moving On (Herbert Diemont, 2015)
Moving on, On the Move
Wij schrijven 2015
Tada! De Harten! Schrijversharten, geboren in ouderdom,
in schrijven en door elkaar praten, tien jaar samen.
Met handen, kreten, benen ter viering van het Woord.
Altijd On the Move, de reis is het doel.
Die man van Moving On woont op een boot,
een dooie tak van de rivier, de IJssel.
Dan ben je vanzelf al kunstenaar.
Zijn beeld van bomen, naar Polen zou het gaan.
Helaas. Ruzie. Dag project. Dag beeld.
Dan maar op de Campus. Maar eigenlijk On the Move.
Wat onzichtbaar is, wordt groter.
Groeiden wij als bomen
ondergronds? Wat fysiek is dat
sterft af: kreten handen, benen,
rijp, bevroren spinrag.
Ik kocht schoenen
maar ik ben geen wandelaar,
heb ijshaar op mijn hoofd.
Ben ik On the Move?
Besta ik eigenlijk zélf nog
of zijn wij misschien
onzichtbaar
ons hart, ons Schrijvershart
Op de Campus? in de Stad?
Het klopt
Schrijversharten Martijn Adelmund, Annie van Gansewinkel, Laurens van der Zee
Inspiratie: Bij de deur van Monsieur Dadelmuis
Bij de deur van Monsieur Dadelmuis

Kunstenaar onbekend, deels Gesamtkunstwerk. Locatie: onderaan het Bergpad, bij de Veerstraat.
Heeft een mens hem ooit gezien, Monsieur Dadelmuis? Sinds enige jaren houdt hij kantoor onderaan het Bergpad te Wageningen. Zijn diensten zijn enorm in trek. Steevast staat tussen het gevallen blad bij zijn ondermaatse rode voordeur een aanzienlijke verzameling wezentjes en spulletjes te wachten – allemaal hooguit een paar centimeter groot. Twee kipjes van klei, een opwindmuis zonder staart, een plastic astronaut, een kastanje, een beschilderde kiezel. Een week later: een speelgoedhert, een olifant zonder slurf, een popje in een Noorse trui. Komen ze zelf aangelopen of zijn ze gebracht? Het is ons niet bekend. Zeker is dat hen allemaal iets is aangedaan, want Monsieur Dadelmuis is letselschadeadvocaat. Kabouterletselschadeadvocaat.
Monsieur Dadelmuis maakt zich groot voor de onaanzienlijken, de onderkruipsels, de vertrapten. Hij heeft een enorme naam opgebouwd onder zijn minuscule clientèle. Niemand is te nietig om zijn klant te zijn. Geen zeer te klein om een zaak van te maken. Geen tegenstander te hoog om aan te pakken. Het zijn niet louter muizenissen, kleinzieligheid en nietige traumaatjes die bij hem ter tafel komen. Het leed van kleine wezens die zijn geraakt in lijf en leden, is even omvangrijk als het onze. Ook zij hebben recht op genoegdoening. En die krijgen zij van Monsieur Dadelmuis, zo blijkt uit het volgende gedicht:
Klein leed bestaat niet
Pardon mevrouw, wilt u mij helpen?
Ik heb een heel klein beetje pijn
Een doekje om de wond te stelpen
Dat zou alvast reusachtig zijn
Toch laat ik hier geen waterlanders
Heus, een dokter hoef ik niet
De echte pijn zit ergens anders
Omdat niemand mij echt ziet
Er is mij zo veel aangedaan
Door de boven mij gestelden
Die het gepeupel niet zien staan
En hun overmacht doen gelden
De Dadelmuis komt voor ons op
Hij is de held van kleine luiden
Zelfs de allergrootste snob
Zal hij fijntjes euvel duiden
Dus brengt u mij naar Wageningen
Bij de Kabouterletselschadeadvocaat
Met gezag zal hij mijn zaak bedingen
Mijn kleine leed; een flinke baat!
Sonja van der Arend
Tekeningen, schilderijen, etsen ...
Titel: Theepot
Inspiratie: gebouw Microbiologie (beelden boven de deur van Johan Polet)
Formaat: 30 x 40 cm
Inspiratie: De Levenspoort
Afmeting: 100 x 55 cm
Titel: Belmonte
Inspiratie: Monument 40 45
Afmeting: 13 x 18 cm
Titel: Belmonte
Inspiratie: ‘het vruchtbeginsel’ uit het arboretum.
Afmeting: 30 x 40 com
Titel: City of Life Sciences “Wageningen”
Inspiratie: De Dans van de Spijspotten – Bas Maters
Formaat: 60 x 80 cm
Titel: Het nationale bevrijdingsmonument
Inspiratie: Nationaal Bevrijdingsmonument.
Afmeting: 80 x 80 cm
Titel: De Zaaister
Inspiratie: beeld De Zaaier van August Falise
Afmeting: 30 x 40 cm
Titel: Wageningen University & Research “WUR”
Inspiratie: De Dans van de Spijspotten – Bas Maters
Formaat: 68 x 87 cm
Titel: Groene schaal
Inspiratie: gebouw Microbiologie (beelden boven de deurvan Johan Polet)
Formaat: 50 x 40 cm
Titel: Het gezin
Inspiratie: Gezin van Ubbo Scheffer
Afmeting: 50 x 60 cm
Inspiratie: De Levenspoort of Joods Monument
Formaat: 69 x 89 cm
Inspiratie: Love to Live – Social Sofa
Afmeting: 80 x 60 cm
Titel: Voorzichtig tot bloei
Inspiratie: Plant, beeld van Huub Kortekaas
Afmeting: 70 x 70 cm
Titel: Windkracht II
Inspiratie: “Windkracht” van Ubbo Scheffers
Afmeting: 50 x 70 cm
Titel: Schenkkannetje
Inspiratie: gebouw Microbiologie (beelden boven de deur van Johan Polet)
Formaat: 30 x 40 cm
Titel: “uit gouden korenaren”. Inspiratie: De arenlezer
Afmeting: 120 x 80 cm
Titel: Huize Micobiologie
Inspiratie: Gebouw laboratorium Microbiologie
Formaat: 30 x 30 cm
Titel: Blaauwe Haagse theemuts
Inspiratie: Gebouw van architect Blaauw – veevoeding – aan de Haagsteeg
Formaat: 50 x 40
Ruimtelijk werk
Titel: De koksmuts van Wageningen
Inspiratie: De Muts (bakkersschool)
Afmeting: L45 x B45 x H 55 cm
Titel: Love unmoved
Inspiratie: Toscane van Eppe de Haan
Afmeting: h:22cm, b:18cm, d: 12cm
Titel: Fuga
Inspiratie: beeld “Fuga“ van Ubbo Scheffer
Afmeting: 115 bij 45 cm
Titel: Aan g, van m. z
Inspiratie: beeld van Gerrit Achterberg op het Emmapark
Formaat: 1 x 2 m
Titel: Vrijheid, we hebben nog heel veel te doen
Inspiratie: Raam Grote Kerk
Formaat: 60 cm x 80 cm
Titel: Ontluikend
Inspiratie: De Tulp, Arboretum
Afmeting: 15 x 70 cm
Titel: Geworteld in Wageningen
Inspiratie: Gedicht Reflectie van Ivanka de Ruijter in het Torckpark, bij een ‘UniversiTREE’.
Afmeting: 30 x 30 cm
Titel: spelen met zigzag
Afmeting: Waaiervorm H47-L90-B7
Titel: Stroomgoot in Zicht
Inspiratie: Ploegmessen in ringen / wereldbol
Afmeting: 200 cm lengte
Titel: Sluiers
Inspiratie: Veeneiken in het binnenveld
Afmeting: 70 x 200 cm
Inspiratie: Groei – Piet Slegers
Titel: Veeneiken
Inspiratie: Zeven eiken aan de Grift Afmeting: 150 x 180 cm
Titel: Van ‘wij’ naar ‘ik’ – het gezin in beweging
Inspiratie: Het Gezin – Ubbo Scheffer
Formaat: 30 x 45 x 8 cm
Inspiratie: De Waterlelie aan de Nudestraat
Afmeting 1 x 1 m
Titel: spelen met zigzag
Afmeting: Waaiervorm H47-L90-B7
































