Boeken boeken boeken

Verhalen van mensen
Door mensen
Voor mensen
Over mensen

Over dieren, vele soorten
Over reizen, verre oorden
Over ijzig kille moorden
Romantiek, met lieve woorden

Over levens en ideeën
Over kaarten van de zeeën
En de aarde, met haar landen
Kookrecepten, allerhande

Soorten zijn er, van die boeken
Net zoveel als soorten koeken
Kletskoek of met chocolade
Larie- of die van Verkade

Je hebt ze ook voor het ontbijt
Café noir, krokant bereid
Makronen met een eetpapier
Madeleines, één manier

Om ze te versmaden
Is kleine hapjes, één voor één
Een ander leest zonder probleem
Zo’n boek uit in één adem

Van links naar rechts of andersom
Per stapje of per sprong
Gespannen, met een open mond
En op het blad de tong

Neemt men letters in zich op
Een enkeling leest op de kop
Staand of zittend, of je gaapt
Op zij liggend, tot jij slaapt

Of alleen je arm dus draai
Je je om in ‘n ommezwaai

Tot nekpijn of het licht te zwak
Of juist te scherp, in zon in park

Met blote ogen of leesbril
“Praat lekker verder” of “Wees stil!”
Om te kunnen concentreren
En de pagina’s te keren

De neus gekluisterd tussen kaft
En kaft, zo’n boekwerk dat verschaft
Een middel voor diverse doelen
‘t Rechter zetten van wat stoelen

Of een te korte tafelpoot
Als standaard om na ‘t avondrood
Een kaarsje iets omhoog te plaatsen
Als schild om straling af te kaatsen

Van de zon daar aan het strand
Met een thriller in je hand

Dunne heb je, maar ook pillen
Sterke en ook zwakkeren
Die je angst en verdriet stillen
Of deze juist aanwakkeren

Goede zijn er, slechte tevens
Fictief, of uit echte levens
Kies klassiekers, literair
Of wat vlaks maar populair

Plat en volks of eer iets deftigs
Romans, horror, en detectives
Iets grofs of liever toch iets liefs
Of zelfhulp, wat informatiefs

Boeken, boeken, boeken
Zovele, waar moet ik het zoeken
Al dat werk van die schrijvers
Woorden lopen in de cijfers

Mijn carrière is een gouden
Als een ster in het boekhouden
Maar moet lenen bij de bank
Geen brood slechts boeken op de plank

Op de planken als de bühne
Zie ik boeken, van tribune
De mooiste stukken voor me spelen
Zo spreekt zo’n boek toch boekdelen

En biedt een kijkje in de lens
Van die uitgelezen mens
Die de moeite heeft genomen
Om in taal niet slechts te dromen
Maar ons mede te verwennen
Door het netjes neer te pennen

Men kan hier naar binnen benen
Op zaterdag en door de week
En wat van die boeken lenen
In onze verse Bblthk

En ohja: wil je boeken boeken?
Dan noemt men dat reserveren
Een boek verlengen, dat kan ook
Maar kom het wel weer retourneren

SLUIT
SLUIT