Gewoontes

Sinds ik in Nederland woon, inmiddels vanaf 1994, hoor ik heel vaak over integratie, normen en waarden. Ik ben laatst wat bewuster geworden, het succes in de Nederlandse samenleving als nieuwkomer kan te maken hebben met de gewoontes van mensen. Elk volk elk gebied elk land elke stad heeft eigen gewoontes die ook wel cultuur genoemd worden. Dat zijn menselijke eigenschappen die van de ene op de andere generatie door gaan en door de jaren heen een gewoonte worden. Vanzelfsprekend kunnen gewoontes ook veranderen, als het slechte gewoontes zijn komen er ook zeker wat pluspunten bij om de gewoontes te verbeteren. Dit kan niet opeens in een keer, dat kost tijd, geduld en flexibiliteit van de bevolkingsgroepen. Geen enkel volk heeft perfecte gewoontes. En zolang als ik weet worden gewoontes van het ene op het andere volk overgenomen omdat men zich daar beter bij voelt of omdat het beter past in de gemeenschap.

Deze denkwijze waar ik in geloof geeft mij meer ruimte en acceptatie van het land waar ik in geland ben. En omdat ik geloof dat integratie tweezijdig moet zijn, geven en nemen, met alle respect voor alle normen en waarden van de Nederlandse samenleving heb ik de afgelopen 23 jaar geprobeerd om van slechte gewoontes hier een betere gewoonte te maken, op mijn eigen manier. Ook probeerde ik wat goede gewoontes van hier, door te vertellen aan mijn vrienden en familie in mijn vaderland.

Door in deze werkwijze te geloven heb ik mij nooit gediscrimineerd gevoeld. Ik heb nooit bepaald gedrag of opmerkingen van mensen als discriminatie opgevat. En als ik dit af en toe toch tegenkwam en in de verleiding kwam te denken dat iets als discriminerend bedoeld was, heb ik tegen mij zelf gezegd: “Masood dit had je ook in je vaderland van een andere bevolkingsgroep kunnen krijgen. Dat heb ik nooit discriminatie genoemd.”

En wat zou wel een reden zijn om dit discriminatie te noemen? Als ik dit stempel op iemands opmerkingen of op iemand als persoon had gedrukt, had ik zeker mezelf in de hoek gezet.

Dat had bij mezelf een minderheidsgevoel opgeroepen. Terwijl ik nooit in een minderheid- of meerderheidsgevoel heb geloofd. Ik heb het altijd over ‘wij’ gehad niet over jullie en wij, we wonen toch in Nederland? We zijn toch allemaal Nederlanders? Met een Iraanse afkomst, of Syrische afkomst of net zoals de vader van onze koning Duitse of van onze koningin Argentijnse afkomst.

Hebben jullie ooit gehoord dat koningin Maxima zich een minderheid voelt? Of Prins Claus? Omdat hij in een ander land geboren is? Ik denk dat persoonlijke kwaliteiten en eigenschappen een belangrijkere rol spelen. Je hoeft toch niet te noemen hoeveel talenten in sport, literatuur, politiek, wetenschap etc. in Nederland vanuit andere landen gekomen zijn? Worden die ook minderheden genoemd? Ik denk van niet.

Masood Eslami

Vrijdag 17 november 2017